VMware is geen standaard meer. En dat is misschien wel het beste wat ons kon overkomen.

Jarenlang was VMware geen keuze, maar een gegeven. Niet omdat organisaties telkens opnieuw bewust besloten dat dit de beste oplossing was, maar omdat niemand de vraag nog stelde. VMware was simpelweg de standaard.

Tot Broadcom het bedrijf overnam en er iets verschoof. Niet technisch, niet architectonisch, maar economisch. Licenties veranderden, kosten werden minder voorspelbaar en contracten verloren hun flexibiliteit. Wat jarenlang vanzelfsprekend was, moest ineens uitgelegd worden. En precies daar begon het ongemak.

De illusie van de standaard

Veel organisaties kwamen erachter dat ze nooit echt voor VMware hadden gekozen. Ze waren er ooit mee begonnen en daarna gewoon doorgegaan. Dat voelt comfortabel, maar het is geen strategie. Het is gewoontegedrag in een nette IT-verpakking.

Toen de prijs en voorwaarden veranderden, ontstond er dan ook geen inhoudelijke discussie over technologie, maar twijfel. De vraag werd niet meer “werkt het?”, maar “willen we dit nog wel zo?”. En eerlijk gezegd is dat een vraag die al jaren eerder gesteld had moeten worden.

Alternatieven waren er altijd al. We negeerden ze gewoon.

De ironie is dat de alternatieven nooit verdwenen zijn. Microsoft Hyper-V draait al jaren stabiel in talloze omgevingen en doet precies wat je ervan verwacht, zeker binnen een Microsoft-landschap waar integratie en licenties logisch samenkomen.

Ook Proxmox VE stond al lang op de kaart. Alleen werd het vaak genegeerd, omdat het niet paste in het idee van een veilige, ingekochte standaard. Het was er wel, maar er werd simpelweg niet gekeken.

Wat nu verandert, is dus niet de technologie. Het is de bereidheid om weer te kijken.

De echte verschuiving: van platform naar architectuur

Wat deze situatie vooral blootlegt, is dat veel organisaties jarenlang vanaf het verkeerde punt zijn begonnen. De hypervisor was het vertrekpunt, terwijl die eigenlijk pas aan het einde van de puzzel thuishoort.

De echte keuzes gaan over hoe je storage is ingericht, of je afhankelijk bent van SAN, lokaal werkt of bijvoorbeeld met Ceph een gedistribueerde laag bouwt. Ze gaan over hoe je clusters ontwerpt, hoe je beschikbaarheid definieert en wat je daar daadwerkelijk voor nodig hebt. En misschien nog belangrijker: of je de kennis in huis hebt om dat alles ook echt goed te beheren.

Pas als die vragen beantwoord zijn, ontstaat er vanzelf een platformkeuze. Niet andersom.

Proxmox is geen vervanger. Dat is precies waarom het is.

De reflex om te vragen of Proxmox een vervanger is voor VMware is begrijpelijk, maar mist de kern. Het is geen één-op-één alternatief en dat hoeft het ook niet te zijn. Het dwingt je om anders te kijken naar je omgeving.

Waar VMware jarenlang complexiteit wegnam tegen betaling, legt Proxmox een deel daarvan weer terug bij de organisatie. Dat vraagt meer kennis, meer eigenaarschap en minder afhankelijkheid van een vendor die alles voor je abstraheert.

Dat voelt voor veel organisaties ongemakkelijk. En dat is precies waarom het interessant is.

Hyper-V: de stille constante

Opvallend genoeg blijft Microsoft Hyper-V in deze hele discussie bijna onder de radar. Geen hype, geen uitgesproken voor- of tegenstanders, maar gewoon een platform dat zijn werk doet.

Voor organisaties die toch al stevig in het Microsoft-ecosysteem zitten, is het vaak de meest logische keuze. Niet omdat het alles beter doet, maar omdat het goed genoeg is en naadloos aansluit op de rest. En in een wereld waarin IT-beslissingen vaak complexer worden gemaakt dan nodig, is dat bijna verfrissend.

VMware is niet dood. Maar ook niet meer vanzelfsprekend.

Het is verleidelijk om door te slaan en VMware meteen af te schrijven, maar dat zou net zo kortzichtig zijn als het jarenlang klakkeloos blijven gebruiken. Technisch staat het nog steeds als een huis en voor complexe enterprise-omgevingen blijft het een serieuze speler.

Het verschil is alleen dat je het nu moet kunnen uitleggen. En zodra je iets moet uitleggen, wordt het een bewuste keuze in plaats van een standaard. Daarmee verschuift de machtsbalans, hoe subtiel ook.

Het ongemakkelijke voordeel van deze situatie

De overname door Broadcom voelt voor veel organisaties als een verstoring, maar heeft ook een onverwacht positief effect. Het haalt de automatische piloot uit de besluitvorming.

Ineens is er geen standaard meer waar je blind op kunt leunen. Geen veilige default die je niet hoeft te verdedigen. Alleen nog keuzes die je moet onderbouwen.

En dat leidt, hoe ongemakkelijk ook, tot betere architectuur.

Conclusie

VMware is er nog steeds. Hyper-V ook. Proxmox net zo goed. Wat verdwenen is, is het idee dat er één vanzelfsprekende keuze bestaat.

En dat dwingt organisaties om weer na te denken over hun fundament. Niet over tools, maar over ontwerp. Niet over licenties, maar over afhankelijkheid.

Dat voelt voor sommigen als een probleem.

Maar het is eigenlijk gewoon volwassen worden als IT-organisatie.


Ontdek meer van IT realiteit

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Posted in , , , , , ,

Ontdek meer van IT realiteit

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder